Madrid

Madrid is de hoofdstad en grootste stad van Spanje, en ligt in het midden van het land, op de Spaanse Hoogvlakte.

Madrid is ook de hoofdplaats van de gelijknamige autonome regio.

Door de centrale ligging van de stad, de geschiedenis, politieke en financiële functies wordt Madrid beschouwd als de belangrijkste stad van het Iberisch Schiereiland.

De stad heeft een inwonertal van 3.265.038 en samen met de buitenwijken en randgemeenten wonen er meer dan zes miljoen mensen.

De inwoners van de stad heten Madrilenen, in het Spaans Madrileños.

Madrid is één van de belangrijkste steden van Europa.

Hoewel de stad tegenwoordig een zeer druk verkeersnet heeft en het op twee na grootste metronetwerk van Europa, hebben de meeste wijken van de stad hun oorspronkelijke sfeer deels weten te behouden.

Belangrijke bezienswaardigheden in Madrid zijn het Palacio Real, oftewel het Koninklijk Paleis, het Retiropark, het archeologisch museum, en drie internationaal befaamde kunstmusea: het Museo del Prado, het Museo Nacional Centro de Arte Reina Sofía en het Museo Thyssen-Bornemisza.

Geschiedenis

De eerste historische informatie over Madrid komt uit de 9e eeuw, erg laat in vergelijking met andere Spaanse steden.

Er zijn in Madrid nooit sporen van civilisatie gevonden uit de tijd van de Romeinen en de Visigoten, in tegenstelling tot o.a. Sevilla, Valencia en Barcelona. Dit is waarschijnlijk te wijten aan het feit dat het gebied waar Madrid nu ligt niet aantrekkelijk was voor beide volken, men kon er geen haven aanleggen, en het lag niet op de route van de toen belangrijke steden.

In de 9e eeuw was het Iberisch Schiereiland grotendeels in bezit van de Moren. De toenmalige emir van het Arabische rijk Al-Andalus, Mohammed I van Córdoba, liet in die periode een paleis bouwen op de plek waar tegenwoordig het Palacio Real van Madrid staat. Ook werd daar een kleine citadel, genaamd “al-Mudaina” gebouwd. Dit paleis stond aan de rivier Manzanares, die de moren “al-Majrit” (Margerit) noemden, wat letterlijk ‘waterbron’ betekent.

De huidige naam Madrid stamt af van deze plek en deze Arabische term.

De citadel werd in 1083 veroverd door Alfons VI van Castilië, die eigenlijk op weg was naar Toledo. De toenmalige moskee van Madrid werd door hem omgedoopt tot kerk, de Almudena-kathedraal, genoemd naar de Maagd Almudena.

Na vele problemen en een verwoestende brand werd de stad herbouwd door Hendrik III van Castilië. Hij zelf vestigde zich veilig buiten de stadsmuren in de nabijgelegen plaats “El Pardo”. In deze tijd werd in Spanje de strijd gevochten tussen het Rijk van Castilië en het Rijk van Aragón. De terugkomst van Isabella I en Ferdinand II maakte hier echter een einde aan.

In het jaar 1085, na de val van het taifarijk Toledo, kwam Madrid weer in katholieke handen.

De stad groeide en kreeg in het jaar 1123 de officiële stadsrechten, en werd erkend als ‘villa’. Een van de machtigste families uit die tijd, de Trastámara-dynastie, woonde in die periode in Madrid.

In 1520 arriveerde de nieuwe koning Karel I in Castilië, een buitenlander die niet eens de Spaanse taal beheerste. Hij verenigde het Rijk van Castilië met als hoofdstad Toledo, en het Rijk van Aragón met als hoofdstad Zaragoza tot het nieuwe Spanje.

Vanaf dat moment veranderde Madrid in één van de tegenstanders van de koning tijdens de Opstand van de Comunidades.

Desondanks verplaatste de zoon van de koning, Filips II, in 1561 het Spaanse gerechtshof naar Madrid, dat zodoende veranderde in de hoofdstad van het land, ook al werd dat officieel nooit verklaard. De tot dan toe machtigste stad van Castilië, Sevilla, bleef de uitvalsbasis voor de grootschalige Spaanse kolonisatie, maar Madrid had vanaf nu de macht over Sevilla.

De koninklijke familie Bourbon, in de figuur van Filips V besloot decennia later dat een Europese hoofdstad niet in zulke staat als het toenmalige Madrid kon verkeren, en liet daarom een aantal nieuwe paleizen (waaronder het huidige Koninklijk Paleis) bouwen.
Toch zou Madrid pas een moderne stad worden in de tijd van Karel III (1716-1788).
Hij knapte de stad grootschalig op en bouwde o.a. bruggen en ziekenhuizen en legde parken, groene lanen en fonteinen aan. Deze koning werd de meest populaire leider van het land ooit en de bevolking van Madrid was dan ook zeer ontevreden over het aanstellen tot koning van zijn zoon Karel IV.
Deze koning trad af, na de slag van Aranjuez, waarin hij de strijd aanging met zijn eigen zoon Ferdinand VII.

Ook hij hield de troon niet lang in bezit, want nog in dezelfde maand (mei 1808) werd de stad veroverd door de troepen van Napoleon Bonaparte, en begon de Spaanse onafhankelijkheidsoorlog.

Na de strijd, in 1814, nam Fernando VII de Spaanse troon opnieuw in. Vanaf dat moment begon in Madrid een periode met afwisselend liberale en conservatieve politieke stromingen. Eveneens werd de troon overgenomen door koningin Isabella II.

In de jaren ’20 van de 20e eeuw was het inwonertal van Madrid uitgegroeid tot meer dan 1 miljoen mensen. Deze groei vereiste stadsuitbreiding, waardoor voormalige dorpen als Carabanchel, Chamartín de la Rosa, Fuencarral en Vicálvaro aan de stad werden ‘vastgebouwd’. Ook werd er een groot aantal nieuwe wijken geconstrueerd, zoals Las Ventas en Tetuán, waar een groot deel van de nieuwe bevolking van Madrid ging wonen.

Al deze veranderingen zorgden voor het idee van ‘Ciudad Lineal’, een groot nieuw stadsdistrict, ontworpen door Arturo Soria. Tegelijkertijd werd de verkeersslagader Gran Vía geopend, die het verkeer in de binnenstad moest ontlasten en ook werd de metro van Madrid in werking gesteld.

Ook op politiek gebied vonden er grote veranderingen plaats: in 1931 de komst van de Tweede Spaanse Republiek, en in 1936 het dramatische begin van de Spaanse Burgeroorlog.
Madrid was één van de zwaarst getroffen steden tijdens deze oorlog (1936-1939). De republikeinen gebruikten de stad als hun uitvalsbasis en vooral de westerse districten kregen het zwaar te verduren onder de gevechten met de fascistische vijanden. De stad verkeerde gedurende drie jaar onder bezetting, tot de overgave in maart 1939. Madrid was de eerste stad in de geschiedenis die werd gebombardeerd door vliegtuigen met het doel burgers te raken.

Na het einde van de Spaanse Burgeroorlog in 1939, kwam de macht over Madrid en heel Spanje in handen van de dictator Francisco Franco. Toch bleef het inwonertal van de stad zeer snel stijgen, en honderdduizenden Spanjaarden arriveerden in Madrid op zoek naar werk. Vooral de zuidkant van de stad werd op grote schaal geïndustrialiseerd.

In de jaren 40 werden door de buitenproportionele groei, onder andere de plaatsen Barajas, Aravaca, Canillas, El Pardo, Hortaleza en Villaverde door de stad opgeslokt. Het oppervlak van de stad vertienvoudigde zich dan ook van 66 km2 naar 607 km2.
Pas in 1963 verplaatste de demografische groei zich naar buiten de stad, en ontstond de zogenaamde ‘periferia’ van Madrid, bestaande uit voorsteden zoals Móstoles, Leganés, Alcorcón en Fuenlabrada.

In 1973 startte men met de aanleg van de M-30, de eerste ringweg van de stad.

Na de dood van Franco in de jaren 70 werd Spanje in het jaar 1978 opnieuw een constitutionele monarchie, en wordt tot op de dag van vandaag geregeerd door koning Juan Carlos I en zijn echtgenote koningin Sofía, dochter van de Koninklijke Familie van Griekenland.

In 1979 werden de eerste democratische verkiezingen gehouden voor de benoeming van een gekozen burgemeester. De eer ging naar de politiek linkse Enrique Tierno Galván. Vanaf dat moment begon de stad als het ware aan haar wederopbouw en de bevolking, na bijna 40 jaar onderdrukking, kreeg de kans om Madrid weer op de kaart te zetten. De levenskwaliteit verbeterde aanzienlijk, en zeker in de jaren ’80 en ‘90 is Madrid uitgegroeid tot het belangrijkste centrum op het gebied van economie, cultuur en kunst, industrie, onderwijs en technologie van Spanje en Portugal.

Tegenwoordig is het tevens één van de grootste en belangrijkste steden van Europa.

Op 11 maart 2004 werd Madrid getroffen door een terroristische aanslag toen verscheidene treinbommen ontploften tijdens de ochtendspits. Meer dan 190 mensen kwamen hierbij om het leven en 1700 raakten gewond. Dit was de ergste aanval op de stad sinds het einde van de Spaanse Burgeroorlog in 1939.

Madrid verkeert desondanks in volle economische bloei, de stad heeft langzaam maar zeker een belangrijke plek veroverd op de internationale wereldkaart waardoor buitenlandse investeerders de stad telkens beter weten te vinden. Er zijn in de afgelopen jaren verschillende wolkenkrabbers gebouwd, waaronder Cuatro Torres, een bouwproject van 4 wolkenkrabbers van elk ongeveer 250 meter hoog.

In 2005 werd het homohuwelijk gelegaliseerd in heel Spanje, tot grote vreugde van de homoseksuele gemeenschap van Madrid, die zich vooral concentreert in de wijk Chueca.

Madrid was ook kandidaatstad voor de organisatie van de Olympische Zomerspelen 2012 en 2016. Beide malen werd de organisatie aan een andere stad toegekend (respectievelijk Londen en Rio de Janeiro).

Topografie

Madrid ligt in het centrum van het Iberisch Schiereiland, tussen de twee autonome regio’s: Castilla-La Mancha en Castilla y León. De stad ligt op een hoogte van 667 meter boven zeeniveau, wat grote invloed heeft op het klimaat. De rivier Manzanares stroomt de stad binnen door de bossen van het district “Casa del Campo”, en snijdt onder andere door de stadsdistricten Latina, Carabanchel en het centrum van Madrid.

Klimaat

De regio Madrid heeft een mediterraan klimaat met continentale invloeden, met warme zomers en betrekkelijk koude winters. Opgemerkt moet worden dat Madrid klimatologisch sterk afwijkt van het Spaanse Middellandse Zeegebied, bijvoorbeeld Barcelona of Valencia. Het klimaat lijkt meer op dat van steden als Sevilla of Córdoba, de winters zijn er voor Spaanse begrippen koud, met minimumtemperaturen beneden het vriespunt en soms sneeuw, en de zomers zijn extreem heet. Gedurende de maanden juli en augustus daalt de temperatuur praktisch niet onder de 30 graden en stijgt deze zelfs regelmatig tot boven de 40 graden Celsius. Door de hoge ligging van de stad, en het droge klimaat, daalt de temperatuur ’s nachts vaak wel, in tegenstelling tot het Middellandse Zeegebied, wat zorgt voor een lagere gemiddelde temperatuur in de grafieken.

De hoeveelheid neerslag is erg klein, maar desondanks kan het in elk van de seizoenen regenen.

Economie

Na jaren van dictatuur en gedwongen isolatie onder Franco, bleef Madrid, en eigenlijk heel Spanje, achter met een grote economische achterstand. Madrid, en ook de rest van het land, begon in deze tijd aan de wederopbouw om zichzelf opnieuw internationaal op de kaart te zetten.

Madrid is als hoofdstad van Spanje de thuisbasis voor vele internationale bedrijven en banken. Het is veruit de belangrijkste stad die als verbinding fungeert tussen de Europese Unie en Latijns-Amerika, mede door de Spaanse taal.

Ondanks de trend om kantoren en productiecentra te verplaatsen naar industrieterreinen, is de stad zelf nog altijd het op één na belangrijkste industriecentrum van Spanje, op de eerste positie staat de stadskern van Barcelona.

Madrid heeft veel belangrijke administratieve en politieke functies op nationaal niveau.

De stad ontwikkelt zich ook steeds meer op het gebied van toerisme en in 1992 was Madrid de Europese Cultuurstad, een belangrijke stap in dit proces. Een teken van de economische groei van de stad is de recente bouw van de Cuatro Torres, vier wolkenkrabbers in het centrum van de stad van elk 250 meter hoog.

Sinds dat Madrid eeuwen geleden de hoofdstad van Spanje werd, is het bevolkingsaantal blijven stijgen. Deze demografische ‘boom’ was berucht in de 20e eeuw, doordat vele, voornamelijk nationale immigranten, in sloppenwijken moesten leven vanwege ruimte- en geldgebrek. De enige periode waarin de stadsgroei afnam waren de jaren 70, dezelfde tijd waarin ook Barcelona geen groei ondervond. De oorzaak hiervan was dat de buitenwijken van beide steden enorm groeiden en daarmee dus ook de metropolen, maar niet de stadskernen zelf.

Een nieuwe immigratiegolf heeft er toe geleid dat Madrid nu een record aantal inwoners heeft en weer over de 3 miljoen grens heen is gegaan. Madrid heeft immigranten aangetrokken van over de hele wereld, met name uit Zuid-Amerika en inmiddels is slechts 85% van de inwoners van Spaanse afkomst. De grootste groepen immigranten komen uit: Ecuador 83.967, Marokko 51.300, China 48.973, Colombia 37.218, Peru 32.791 en Argentinië 28.500.

Bezienswaardig

Madrid is beroemd om het grote aantal musea en historische monumenten dat zich in de stad bevindt.
Plaza Mayor: Het centrale plein van Madrid
Koninklijk Paleis van Madrid
Puerta del Sol: De zonnepoort
Gran Vía: Een van de verkeersslagaders en grote winkelstraat van de stad
El Rastro: Enorme vlooienmarkt in de openlucht
Puerta de Alcalá: De poort naar Alcalá, het bekendste monument van Madrid
Parque del Retiro: Het grootste stadspark van Spanje
Plaza de Cibeles: Plein met het Palacio de Comunicaciones en indrukwekkende fonteinen
Teatro Real: Koninklijk Theater
Torres KIO: Twee diagonale wolkenkrabbers in Chamartín
Plaza de Oriente
Plaza de Colon
Plaza de España
Las Ventas: stierengevechtarena
Estadio Santiago Bernabéu
Café Central: Een befaamd jazzcafé
Teatro de la Comedia
Círculo de Bellas Artes
Teatro Monumental
Teatro de la Zarzuela
Auditorio Nacional de la Música
Oso y Madroño
Zoo Aquarium Madrid
Torre de España
Faro de Moncloa
Musea.
De drie belangrijkste musea van de stad zijn toonaangevend op internationaal niveau. Vandaar ook de naam de “Gouden Kunstdriehoek”. Het gaat om de volgende drie musea:
Museo del Prado (werken van Diego Velázquez en Francisco Goya)
Museo Thyssen-Bornemisza (een gemixte privé collectie)
Museo Nacional Centro de Arte Reina Sofía (waar moderne kunst en o.a. de Guernica van Pablo Picasso te zien is)

Andere belangrijke musea zijn
het Real Academia de Bellas Artes de San Fernando,
het Nationaal Archeologisch Museum,
het José Padilla Museum,
het Medisch Antropologisch Museum en het
Manuel Benedito Museum.
Kerken
Kathedraal La Almudena
San Isidro el Real
Real Basilica de San Francisco el Grande

In de omgeving van Madrid zijn een aantal andere aantrekkelijke kleinere steden te vinden zoals:
Ávila,
Alcalá de Henares,
Toledo,
Aranjuez en
Segovia.
Nachtleven

De stad is beroemd om haar nachtleven en staat zelfs in de rest van Spanje bekend om het enorme aantal bars, clubs en discotheken. De jonge Madrileen danst en drinkt tot diep in de nacht, eet wat zoete gefrituurde “churros”, doucht zich en gaat vervolgens naar het werk

Een andere populaire bezigheid van Madrileense jongeren (ook in Andalusië) is “botellón” oftewel drinken op straat. De drank wordt gekocht in supermarkten en vervolgens op pleintjes en straatjes opgedronken, in Madrid de normaalste zaak van de wereld.
De zuidelijker gelegen steden Sevilla en Granada zijn zelfs nog beruchter om hun “botellón” die soms al om 16:00 kan beginnen. Sinds een paar jaar is het wel officieel verboden dit te doen en staat er een boete op. Het enige gevolg daarvan is echter dat de jongeren zich nu niet meer bij één plek houden maar zich over heel Madrid hebben verspreid.

De term ‘jongere’ is overigens niet altijd correct in deze stad als het gaat om feesten.

Zeven dagen per week zijn de straten van het centrum van Madrid vol met mensen, jong en oud, Madrilenen en toeristen. Dit komt door de sterke Spaanse cultuur van ‘straatleven’ die er heerst en ook doordat Madrilenen, jong en oud, rond 22:00 of 23:00 uit eten gaan.

Zelfs in andere steden van Spanje, die ook niet bekendstaan om hun rust, staat Madrid bekend als de stad die nooit slaapt.
De restaurants gaan pas rond 21:00 open, en tot 1:00 zijn de discotheken vrijwel nog leeg.

De grootste concentraties van bars, discotheken en clubs vindt men in de wijken Chueca en Malasaña. Een aantal drukke uitgaansstraten in het centrum zijn Calle Bilbao, Tribunal en Alonso Martinez, maar ook de wijk Moncloa-Aravaca aan de westkant, en de districten Sol en Las Huertas rondom het centrum zijn vaak ’s nachts net zo bevolkt als overdag.
Gastronomie

Madrid heeft haar eigen traditioneel Spaanse keuken, die behoorlijk verschilt van de Mediterrane keukens in Barcelona of Valencia. Daar eet men veel vis en schaaldieren, pasta, rijst en mediterrane groenten. De traditionele keuken van Madrid bestaat zowel uit vlees als vis, en veel peulvruchten, eieren, honderden soorten worst, stoofpotten.

De ‘cocido madrileño’ is het meest traditionele voorbeeld van een Madrileense stoofpot.

Madrid staat in Spanje bekend als de stad waar het eten in de restaurants zeer ‘casera’ oftewel huiselijk is. Dat betekent dat het eten vers wordt bereid, in veel gevallen met Spaanse producten. In de stad worden op sommige plaatsen de Spaanse tapas nog op traditionele wijze gegeten, namelijk gratis bij een drankje.
Feestdagen

Buiten de nationale Spaanse feestdagkalender, die voor Europese begrippen al behoorlijk uitgebreid is, heeft Madrid nog een aantal lokale feestdagen:

15 mei: sint Isidorus van Madrid(patroonheilige van Madrid), met bedevaart naar de kluizenarij
13 juni: San Antonio de la Florida
16-25 juli: fiesta de la santissma Vírgen del Carmen (Heilige Maagd Maria van de berg Karmel)
6-15 augustus: Vírgen de la Paloma (maagd van de duif), OLV tenhemelopneming
7 augustus: San Cayetano
10 augustus: fiesta de San Lorenzo, feest van Sint Laurentius, voorafgaand aan de Virgen de la Paloma
9 november: Virgen de la Almudena, feest gehouden in de Koninklijke kathedraal van Madrid
Sport

Madrid heeft twee grote voetbalclubs: Real Madrid en Atlético Madrid. Beide verenigingen hebben een eigen stadion, respectievelijk Santiago Bernabéu en Vicente Calderón. In 1982 werd het WK Voetbal in Madrid gehouden.
De stad heeft ook twee bekende basketbalteams, een motorcircuit en een Formule 1 circuit. Men kan ook vlakbij Madrid skiën, in de bergen van de “Sierra de Guadarrama”, waar de bekende skioorden Valdesqui en Navacerrada liggen.
Wijken en infrastructuur

Madrid is groot, divers en chaotisch. Het is onmogelijk om één goede omschrijving te geven van de stadscultuur. Feit is uiteraard dat de stad sinds jaar en dag bekend staat om haar enorme nachtleven, het is één van de weinige steden in Europa waar ook op een dinsdagnacht de straten en bars vol zitten met mensen.

Hieronder een beschrijving van een aantal bekende wijken.
Alonso Martínez: Dit district bevat onder meer het grote “Plaza de Colón”, vernoemd naar Columbus. Het ligt op loopafstand van de belangrijkste culturele en commerciële delen van de stad, zoals het Museo del Prado, het grote Retiro-park en ook van het business gedeelte van de “Paseo de la Castellana”, één van de drukste en grootste straten van Madrid.
Atocha: Dit is een behoorlijk groot gebied, grenzend aan de wijken Huertas en Lavapiés. Een belangrijk punt is het Atocha treinstation, het grootste van Madrid (Chamartín is een ander groot station). Deze wijk bevat ook veel kunstgaleries en restaurants waar de traditionele Spaanse keuken op tafel staat.
Centro: Dit is het centrum.
Nuevos Ministerios: Dit is het financiële district van Madrid, waar wolkenkrabbers staan van de meeste grote banken en bedrijven van Spanje. Een van de grootste van deze gebouwen brandde compleet af op 12 februari 2005, de “Torre Windsor”. Het grootste warenhuis van de stad, “El Corte Inglés”, dat bestaat uit drie aan elkaar geschakelde gebouwen vindt men ook in deze zone.
Chueca: Dit is één van de meest authentieke maar ook kosmopolitische delen van de binnenstad. In het begin van de jaren 80 stond het nog bekend als een vervallen buurt, maar later begon hier ‘La Movida’, oftewel de nieuwe culturele revolutie van Spanje, die onder meer streed voor gelijke rechten voor homoseksuelen. Chueca staat inmiddels bekend als dé buurt voor homo’s en lesbiennes, maar in werkelijkheid is het publiek vooral zeer gemixt en levendig. Dit deel van de stad staat letterlijk volgepakt met restaurants, bars en terrassen, en is één van de meest populaire wijken. Er zijn veel winkels van chique modehuizen, en ook een aantal kunstgaleries.
Malasaña: Malasaña is een andere levendige wijk, ook vol met restaurants, bars en jonge Madrilenen. Het is één van de klassieke bestemmingen van de stad om te feesten. Het centrum van deze wijk is het Plaza Dos de Mayo. Ook al noemen vrijwel alle Madrilenen deze wijk Malasaña, de eigenlijke naam is Universidad.
Retiro: Dit is demografisch gezien het oudste district van de stad, toch wonen er een groot aantal studenten en jonge mensen en slaapt de wijk ’s nachts niet. Het ligt direct naast het beroemde Retiro-park aan de oostkant. De straten van Retiro zijn behoorlijk smal, en overdag hectisch en vol met winkels, mensen en verkeer.
Cortes: Dit district heeft maar een kleine oppervlakte maar bevat wel een aantal belangrijke bezienswaardigheden zoals het Congres van de Spaanse regering, en het Museo Thyssen-Bornemisza, één van de belangrijkste van Madrid. Ook staat hier het statige kantoor van de Banco de España, het Zarzuela Theater en het plein Plaza de Cibeles
Las Huertas: Deze wijk, rechts van de straat Paseo del Prado en ten noorden van Calle Atocha is beroemd door de vele schrijvers en dichters die hier ooit woonden. Een van de belangrijkste bezienswaardigheden is het huis van de schrijver Cervantes, waarin hij in 1616 stierf. Gedurende de laatste jaren is het het zoveelste mecca van het nachtleven geworden, waar elke dag duizenden Madrilenen en toeristen van bar naar bar gaan, vooral rondom Calle de las Huertas en Plaza Santa Ana.
Gran Vía: Het district van de Gran Vía beslaat ook gelijk één van de verkeersslagaders van de stad: Gran Vía. Deze straat is vooral een winkelstraat, maar er zijn ook veel hotels, bioscopen en wederom, nachtleven Een van de straten in deze wijk, de “Calle Fuencarral” is één van de populairste van de stad geworden, mede doordat het het hippe “Chueca” met het bohemian “Malasaña” district verbindt.
Lavapiés: Dit is van oorsprong een van de armste wijken in de binnenstad, het heeft wel zijn authentieke “Madrid-karakter” weten te behouden. Er wonen een groot aantal immigranten (Chinezen, Hindoestanen en inwoners afkomstig uit het Caribisch gebied), maar ook veel kunstenaars en schrijvers, waardoor een zeer gemengd straatbeeld is ontstaan. Door de immigranten heeft de wijk een grote variatie aan winkels gekregen,waar letterlijk van alles en nog wat te koop is. Deze wijk is met stip de beste van Madrid voor een goedkoop etentje, en ook om niet-Spaans eten te vinden (Aziatisch etc.) is het de aangewezen plek.
Latina: In en rondom deze zone liggen de beginselen van Madrid. Het is lastig om precies een grens om dit gebied te trekken, omdat net als in de omliggende wijken, de straten kronkelig en smal zijn. De wijk heeft ook behoorlijk veel bars, en er zijn een aantal mooie kerken te bezichtigen. Aan de oostkant van deze wijk bevindt zich de vlooienmarkt Rastro. Ook vindt men er het Plaza de la Paja, een ander mooi plein van de stad. Aan de andere kant grenst Latina aan het “Plaza Mayor” en “Los Austrias”, een ander mooi deel van Madrid.
Aravaca: Aravaca is zonder twijfel de duurste wijk van de stad, hier geen lawaai en niet 24 uur per dag mensen en verkeer, maar vrijstaande huizen met tuinen. De wijk staat vol met parken en grenst aan het bos genaamd “Casa de Campo”.
Opera : In deze wijk staat het “Teatro Real” (Koninklijk Theater), tegenover het Koninklijk Paleis. Dit is het werkpaleis van de Spaanse Koning, de administratie van het Spaans koninklijk hof is hier gehuisvest. In deze wijk ligt ook het koninklijke klooster van la Encarnacion, en staat de Onze-Lieve Vrouwekathedraal van de Almudena.
Verkeer en vervoer

Madrid staat bekend als de nachtmerrie voor iedere autobestuurder. De binnenstad bestaat uit een groot en ingewikkeld netwerk van drukke 8-baans wegen zoals de Gran Vía, Avenida del Mediterráneo, Paseo de la Castellana, Avenida de América en honderden door elkaar kronkelende straten. De infrastructuur van de stad is zeer omvangrijk, het heeft een indrukwekkend netwerk van zeven nationale snelwegen die naar alle uithoeken van het land leiden, en maar liefst vier ringwegen. De snelwegen hebben talloze verschillende codenamen (zoals R-5, A2 etc), en de bevolking onderscheidt ze dan ook vooral door de stad waar iedere weg uiteindelijk naartoe leidt:
A-1: Burgos en Donostia-San Sebastian
A-2: Zaragoza en Barcelona
A-3: Valencia
A-4: Córdoba en Sevilla
A-42: Toledo
A-5: Badajoz en Lissabon
A-6: A Coruña
Het autoverkeer in en rondom Madrid is altijd een moeilijk thema geweest. Door de buitenproportionele groei van het aantal auto’s in en rondom de stad raakte de oude ringweg aan het eind van de jaren 70 zwaar overbelast, en op sommige punten waren er soms letterlijk de gehele dag files. Een enorm bouwproject van twee nieuwe ringwegen, (op sommige punten 12 banen breed) moest dit probleem oplossen, maar een aantal jaar later bleek ook dit niet genoeg te zijn en werd een vierde, nog grotere ringweg geconstrueerd, de M-50. De zeven grote snelwegen die door Madrid snijden, worden allemaal met elkaar verbonden door de ringwegen, die zelf ook op sommige punten kruisen, samenvoegen en vervolgens weer splitsen. Toch is dit grote wegennet niet genoeg voor de zes miljoen inwoners van de stad en kampt men nog steeds met veel files, zowel overdag als ’s nachts.
De luchthaven van Madrid heet Barajas, en is de thuisbasis van Iberia. De luchthaven is de belangrijkste van Europa voor vluchten naar Zuid-Amerikaanse steden en het Caribisch gebied. Momenteel reizen er jaarlijks zo’n 40 miljoen passagiers doorheen. In 2005 is er een enorme vierde terminal gebouwd, genaamd de T4, de grootste luchthaventerminal van Europa. Er zijn daardoor aanzienlijk minder vertragingen op Barajas en heeft de luchthaven nu een capaciteit van 70 miljoen reizigers per jaar. Op dit moment echter, kan men vanaf Barajas naar slechts één bestemming in Azië (Peking) vliegen, en er zijn relatief weinig directe vluchten naar Noord-Amerika. Op dit punt heeft Madrid nog een achterstand ten opzichte van de grote Europese luchthavens van Parijs, Londen, Frankfurt, en Amsterdam.
Het metronetwerk van Madrid is één van de grootste ter wereld, en de op twee (op Londen en Parijs na) na grootste van Europa. Het netwerk bestaat uit 12 compleet ondergrondse lijnen met 190 stations. Ook bestaat er de Metro Ligero, drie sneltramlijnen die deels ondergronds zijn.

In de nabije omgeving van Madrid rijden de Cercanías, de korte-afstandstreinen. Ook is Madrid het knooppunt voor de AVE, de hogesnelheidslijnen naar Barcelona en Málaga. Van het stadgewestelijk netwerk in verschillende Spaanse steden, de Cercanías Renfe, is dit het grootste. Het bestaat uit 13 lijnen die Madrid verbinden met nabijgelegen plaatsen en verre buitenwijken. De Madrileense Cercanías luidt Cercanías Madrid.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *